LNV heeft 48 mijoen klaar voor energiesubsidies
Zowel de regeling die voor energie-investeringen moet
zorgen
in energie-extensieve glasteelten als de regeling voor (semi-)gesloten
kassen, gaan dit voorjaar open. In totaal is er dit jaar 48 miljoen
euro beschikbaar. De verwachting is dat het dringen wordt.
Het ministerie van LNV stelt de subsidieregeling Marktintroductie
Energie-innovaties (MEI) open van 16 april tot en met 7 juni voor onder
meer (semi) gesloten kassen. De regeling Investeringen op het terrein
van energiebesparing (IRE) gaat open van 14 mei tot en met 25 mei.
Voor
de openstelling van de MEI is 28 miljoen euro beschikbaar. Daarvan is
22,5 miljoen voorzien voor subsidie op investeringen in (semi) gesloten
kassen en 5,5 miljoen voor andere energie-innovaties, zoals
investeringen in biomassavergisting en –vergassing, energiesystemen op
biobrandstoffen, aardwarmteprojecten en alle overige innovaties binnen
het programma Kas Als Energiebron. De subsidie bedraagt 40 procent van
het investeringsbedrag.
Het
gaat nu eens niet om een fiscale maatregel. Daarvan waren er al zo veel
dat het voor tuinders steeds lastiger werd om daar nog van te
profiteren. Investeren in vernieuwende maar vaak nog niet optimaal
renderende bedrijfssystemen beperkt immers soms jarenlang de fiscale
winst. Het voordeel van een subsidie is bovendien dat het geld niet
achteraf pas komt.
Haast geboden
De
MEI is gericht op het stimuleren en versnellen van de doorontwikkeling
van genoemde investeringen. Nadat de pioniers hun baanbrekend werk
hebben gedaan, is het voor ondernemers in andere teelten ook nog altijd
een waagstuk om aan een (semi) gesloten kas te beginnen. Voorwaarde
voor subsidiëring van zo’n (semi) gesloten kas is dat er ten minste 25
procent CO2-reductie moet worden behaald ten opzichte van de eigen referentiesituatie. Voor de berekening hiervan komt een rekenmodel.
Vanuit het bedrijfsleven is al gesuggereerd dat het budget voor deze openstelling onvoldoende zal blijken te zijn (zie kader).
Omdat voor de subsidie op de (semi) gesloten kas het principe geldt
‘wie het eerst komt, het eerst maalt’, zou hier dus wel eens haast
geboden kunnen zijn. Per dag wordt bekeken voor hoeveel euro er is
aangevraagd. Tussen de aanvragen die bij LNV binnenkomen op de dag dat
het budget wordt overschreden, wordt geloot.
Alleen serieuze aanvragen
Om
te voorkomen dat telers alvast subsidie aanvragen ook al zijn hun
plannen nog niet vastomlijnd, zijn er extra eisen aan de aanvraag
gesteld. Er moet een projectplan bij de aanvraag worden ingediend,
waarin de onderdelen van het energiesysteem en hun werking beschreven
staan. Ook moet er een onderbouwing van de verwachte CO2-reductie worden
bijgevoegd. En als voor de bouw een vergunning vereist is, dan moet een
bewijs dat die vergunning reeds is aangevraagd bij de aanvraag gevoegd
worden.
Om
helemaal zeker te weten dat het niet om een pro forma aanvraag gaat,
moeten er offertes (nog niet ondertekend!) mee met de aanvraag en een
uitleg van de financieringswijze (hoeveel eigen vermogen, hoeveel
vreemd vermogen en welke vormen vreemd vermogen). De offertes mogen wél
ondertekend worden en de investering voor eigen rekening en risico
(toelichting: er is dan nog geen verlening, pas na subsidieverlening
weet tuinder of ie de subsidie ook krijgt) in gang gezet als de
ontvangstbevestiging van de aanvraag binnen is. Voorafgaand aan de
definitieve verlening van de subsidie moeten bovendien daadwerkelijke
bankgaranties of andere financieringsbewijzen worden overlegd.
Een
beslissing over de verlening van de subsidie wordt uiterlijk acht weken
na de sluiting van de openstelling aan de aanvrager bekend gemaakt.
Voor het gedeelte van de MEI dat gaat over de (semi) gesloten kas is
dat dus acht weken na 7 juni, oftewel 3 augustus.
Beoordelingscommissie
Het
budget van het tweede deel van de MEI – de 5,5 miljoen voor andere
energie-innovaties – wordt toegekend op tenderbasis. Een
beoordelingscommissie bekijkt de ingediende energiesystemen op hun
inhoudelijke waarde. De beste projecten krijgen geld. Randvoorwaarde
voor deze investeringen is het bereiken van 10 procent CO2-reductie. In de beoordeling van de projecten wordt gekeken naar CO2-
en energiebesparing, teelttechnisch en economisch perspectief
gerelateerd aan potentiële navolgbaarheid en de mate van waardevolle en
vernieuwende doorontwikkeling ten opzichte van wat door voorlopers al
is gedaan.
Aan
de aanvraag worden dezelfde voorwaarden verbonden als hiervoor vermeld.
Een beslissing over de verlening van de subsidie wordt bij deze
tenderregeling niet acht weken, maar vier maanden na de sluiting van de
openstelling aan de aanvrager bekend gemaakt, dus uiterlijk op
8 oktober.
Energie-extensief
Voor
de openstelling van de IRE is deze keer 20 miljoen euro beschikbaar.
Subsidiabel zijn een eerste en tweede energiescherm, de
klimaatcomputer, temperatuurintegratiesoftware, anti-reflectie gecoat
kasdek, de warmtebuffer, de condensor op retour en investeringen voor
kleine energieclusters (tussen hooguit twee of drie telers). De
subsidie bedraagt 25 procent van het investeringsbedrag.
Dit
lijstje geldt voor telers die voor hun teelt minder dan 25 kuub gas van
normale calorische waarde verbruiken per vierkante meter glasoppervlak.
De telers die daar bovenuit komen kunnen ook IRE aanvragen, maar alleen
voor het tweede energiescherm, het gecoate kasdek en de investering in
kleine energieclusters.
Geld overhevelen
Eind
vorig jaar ging de regeling, die zich vooral richt op relatief
eenvoudig te behalen energiewinst op energie-extensieve
glastuinbouwbedrijven, ook al een keer open. Van de toen beschikbare 6
miljoen werd maar iets meer dan de helft gebruikt, verdeeld over 191
aanvragers. Bottleneck was de eis dat de investering al op 1 april
gerealiseerd moest zijn. Met name voor energieschermen en
klimaatcomputers werd is wel veelvuldig subsidie aangevraagd.
Omdat
telers nu meer tijd hebben om zich voor te bereiden én om de
gesubsidieerde investering te realiseren, verwachten LNV én het
bedrijfsleven deze keer meer aanvragen. De procedure van toekenning is
hetzelfde als bij het deel van de MEI waarbij volgorde van binnenkomst
van de aanvragen leidend is.
Mocht
niet al het geld opgaan, dan zijn LNV en de sector overeengekomen dat
het geld dat overblijft wordt overgeheveld om een eventuele
overtekening van de MEI op te vangen. De regelingen zijn samen met het
bedrijfsleven vormgegeven.
De openstellingen maken deel uit van het driejarenplan waarmee LNV de glastuinbouw wil helpen CO2-uitstoot
te verminderen, energie te besparen en minder afhankelijk te worden van
fossiele brandstoffen. Hiervoor is in totaal 109 miljoen euro
gereserveerd. De derde regeling in dit plan voor investeringen in grote
energienetwerken (waarin ook woonwijken en andersoortige bedrijven
betrokken kunnen zijn) is nog niet klaar. LNV is hierover nog in
overleg met bedrijfsleven en ook met de provincies.
‘Snel overtekend’
Nico
van Ruiten, voorzitter van LTO Glaskracht, verwacht dat de
subsidieregeling voor de (semi-) gesloten kas snel overtekend zal zijn.
Hij merkt dat de interesse groot is. “In de tomaten- en paprikateelt
worden er een paar grote aanvragen voorbereid. Bijvoorbeeld van
bedrijven in Agriport A7. ”De interesse is volgens hem groot omdat de
subsidie de onrendabele top van de investering weghaalt. “Bovendien
besparen telers met deze kassen energie en levert het hen ook
opbrengstverhoging op.” Van Ruiten mikt er op dat binnen drie jaar er
700 hectare (semi-)gesloten kassen staan. “Het liefst verspreid over
verschillende teelten.” Die spreiding vindt hij belangrijk omdat er dan
in verschillende gewassen ervaring vrijkomt met het telen in zo’n kas.
